Een gedragscode lost geen cultuurvraagstuk op
Vrijwel iedere organisatie heeft er één. Een gedragscode. Een document waarin staat hoe je met elkaar omgaat, welk gedrag je van elkaar verwacht en welke normen en waarden belangrijk zijn.
De intentie is goed. Je wilt duidelijkheid creëren. Je wilt sociale veiligheid bevorderen. Je wilt medewerkers houvast geven bij de keuzes die zij dagelijks maken.
Toch hoor je in de praktijk vaak iets anders: “Volgens mij hebben we wel een gedragscode ja, maar ik heb geen idee waar ik die kan vinden.”
Als medewerkers dat zeggen is de reflex vaak om de gedragscode opnieuw onder de aandacht te brengen. We laten medewerkers hem ondertekenen. We bespreken hem tijdens de onboarding of hangen posters op in het gebouw.
Allemaal goedbedoelde initiatieven. Maar misschien verwachten we iets van een gedragscode wat hij helemaal niet kan. Een gedragscode is geen oplossing voor een cultuurvraagstuk. Het is een belangrijk onderdeel van de oplossing, maar nooit de oplossing zelf.
Een gedragscode is een kompas
Je kunt een gedragscode vergelijken met een kompas. Een kompas laat zien welke richting je op wilt. Het helpt om keuzes te maken wanneer je onderweg bent. Maar een kompas zorgt er niet voor dat je ook daadwerkelijk gaat lopen.
Daarvoor heb je mensen nodig die de route kiezen, richting houden en anderen onderweg meenemen. Zo werkt een gedragscode ook.
Een gedragscode geeft richting. Het biedt een gezamenlijke taal en een handelingskader voor medewerkers én leidinggevenden. Maar richting alleen verandert nog geen gedrag. Dat gebeurt pas wanneer die richting iedere dag zichtbaar wordt in de praktijk.
De gedragscode is niet het probleem
Wanneer een gedragscode niet lijkt te leven, ligt de oorzaak zelden in het document zelf. De meeste gedragscodes zijn namelijk helemaal niet onduidelijk. Medewerkers weten vaak prima wat er in grote lijnen van hen wordt verwacht.
- Respectvol samenwerken.
- Elkaar aanspreken.
- Open communiceren.
- Integer handelen.
Dat zijn zelden onbekende begrippen. De vraag is niet óf mensen weten welk gedrag gewenst is, maar waarom dat gedrag in de dagelijkse praktijk toch uitblijft.
Weten is nog geen doen
Vanuit de gedragspsychologie is dat eigenlijk niet zo verrassend. Mensen veranderen hun gedrag niet alleen omdat ze weten wat verstandig is. Als dat zo was, zouden trainingen altijd leiden tot ander gedrag. Dan zouden goede intenties vanzelf zichtbaar worden in de praktijk.
- Maar zo werkt gedragsontwikkeling niet. Mensen leren vooral door te kijken naar wat er om hen heen gebeurt.
- Hoe reageert mijn leidinggevende?
- Waar wordt waardering voor uitgesproken?
- Wat gebeurt er als iemand een fout maakt?
- Wordt iemand die zich uitspreekt serieus genomen?
- Worden collega’s daadwerkelijk op gedrag aangesproken?
In die dagelijkse interacties leren mensen wat binnen de organisatie werkelijk de norm is. Niet doordat het ergens staat opgeschreven, maar doordat zij het iedere dag ervaren.
Een gedragscode wordt pas zichtbaar door leiderschap
Hier ligt misschien wel de belangrijkste rol van leidinggevenden. Een gedragscode is niet bedoeld als document dat af en toe uit de kast of van intranet wordt gehaald. Het is een handelingskader voor de dagelijkse praktijk.
Juist leidinggevenden geven daar iedere dag betekenis aan. Niet door de gedragscode steeds opnieuw uit te leggen, maar door hem zichtbaar te maken in hun eigen handelen.
Door gewenst gedrag te benoemen. Door collega’s aan te spreken. Door moeilijke keuzes uit te leggen. Door consequent te handelen, ook als dat ongemakkelijk is. En door te laten zien dat de gedragscode niet alleen voor anderen geldt, maar ook voor henzelf.
Op die momenten verandert een gedragscode van papier in praktijk.
Van document naar dagelijkse werkelijkheid
Een gedragscode is dus allesbehalve overbodig. Integendeel. Zonder gedragscode ontbreekt een gezamenlijk kader. Aanspreken wordt dan afhankelijk van persoonlijke voorkeuren, met het risico dat iedereen zijn eigen normen hanteert.
Het omgekeerde is net zo waar. Zonder leidinggevenden die de gedragscode iedere dag vertalen naar voorbeeldgedrag, gesprekken, keuzes en consequenties, blijft dat kader papier.
Een gedragscode geeft richting. Leiderschap brengt die richting tot leven.
Misschien is de belangrijkste vraag daarom niet: “Hebben wij een goede gedragscode?” Maar: “Herkennen medewerkers onze gedragscode in de keuzes die leidinggevenden en collega’s iedere dag maken?”
Want een gedragscode leeft pas wanneer mensen hem iedere dag ervaren.



